|
|
Rasbeschrijving:
Duitse Doggen worden vaak Deense Doggen genoemd, maar komt
zeker niet uit Denemarken. Derhalve is de naam "Deense
Dog" ook feitelijk onjuist. Veel mensen kennen dit ras
echter onder deze naam. Waarschijnlijk zijn de voorouders
van de Duitse Dog doggen uit Voor-Indie geimporteerd, die
later door de Noormannen als jachthonden werden gebruikt bij
de jacht op zwijnen. In de Middeleeuwen ook gebruikt als bullebijters
en lijfwachten. In de 19e eeuw kreeg men in Duitsland belangstelling
voor dit ras en werden Duitse Doggen uit het Noorden en Zuid-Duitse
Mastiffs gefokt tot een type zoals dat nu ongeveer bestaat.
Tot 1876 kwamen twee categorieen voor, de Ulmer Dogge en de
Danische Dogge. In 1876 werd besloten tot nationaal ras, de
Duitse Dog.
De Duitse Dog is een uitstekende kameraad, aanhankelijk voor
het gezin, moeilijk boos te krijgen en gemakkelijk in omgang
met andere dieren. Helaas worden Duitse Doggen niet oud.
|
|
Kenmerken:
Algemeen:
De Duitse Dog moet een opmerkelijke grootte bezitten en is
zeer gespierd, krachtig maar toch sierlijk gebouwd. Hoofd
en hals worden hoog gedragen. Zijn gang is lenig en vrij met
vrij bewegende sprongen. Sierlijk silhouet is essentieel.
Het lichaam is kort met brede en diepe borst. Ribben goed
gewelfd. Benen lang met zwaar bot.
Kleur:Gestroomd: gestreept, grondkleur is
de lichtste kleur geel tot het diepste oranje. Strepen zijn
altijd zwart. Ogen en nagels zwart.
Geel: varierend van lichtgeel tot dieporanje met zwart masker.
Blauw: zuiver staalblauw.
Zwart: glanzend zwart
Harlekijn: zuiver witte ondergrond met bij voorkeur zwarte
vlekken. Lichte ogen en roze neus zijn toegestaan maar niet
gewenst.
Hoofd en schedel: Het hoofd is lang, met
een tamelijk smalle schedel, duidelijke stop en lange brede
snuit. Kaken zijn krachtig. Het hoofd ziet er van bovengezien
overal even breed uit. Schedel is vlak. Wangen vertonen niet
teveel zwaarte. Neusrug is breed, met geringe kam waar kraakbeen
en been samenkomen. Neusgaten zijn groot, wijd open en stomp
in aanzien. Lippen zijn gehoekt en vallen loodrecht naar beneden.
De ogen zijn middelmatig groot, rond en donker met een levendige
en verstandige uitdruking. De oren hangen. Schaargebit.
Staart: Lang, bij de wortel dik en naar
het einde spits toelopend. Wanneer de hond in actie is moet
hij in het verlengde van de ruglijn worden gedragen, maar
mag niet over de rug worden gedragen.
Voeten: Rond, katachtig. Nagels zwart, slechts
bij de harlekijn mogen de nagels lichtgekleurd zijn.
Beharing: Kort en glanzend.
Schofthoogte: Reu: tenminste 80 cm, Teef:
tenminste 72 cm.
|
.jpg) |
|
|
Aard:
Aanvankelijk, rustig, intelligent en verstandig, gevoelig,
zeer trouw aan zijn baas en diens gezin, onomkoopbaar en nieuwsgierig.
Ondanks het feit dat ze niet veel blaffen, zijn met name de
reuen uitstekende waakhonden. Er wordt wel gezegd dat een
inbreker wel binnen kan komen, maar het huis nooit meer verlaten
als een Duitse Dog de wacht houdt. Duitse Doggen zijn zoals
veel andere dog-achtigen niet kleinzerig en daardoor is het
heel goed mogelijk dat u een ziekte of gebrek pas in een later
stadium opmerkt.
Verzorging:
De vacht van de Duitse Doggen heeft relatief weinig verzorging
nodig. In de ruiperiode kunt u het beste met een rubberen
borstel het dode en het losse haar verwijderen. Laat deze
hond altijd op een zachte plats liggen, zodat u het ontstaan
van ontspierde lig plekken voorkomt. Snelgroeiende honden
als de Duitse Dog moeten met beleid worden grootgebracht.
Een eerste vereiste is een zeer goede voeding. Daarnaast laat
u de jonge Duitse Dog gedoseerd bewegen.Leg niet te veel druk
op hond, forceer niets en vermijd vermoeidheid, want dit alles
kan zich wreken op de ontwikkeling van botten, pezen en spieren.
Duitse Doggen horen niet in het kennel thuis en stellen comfort
zeer op de prijs.
|
|
Opvoeding:
De Duitse Dog groeit in een zeer korte periode op tot een
extreem grote hond. U moet de hond daarom al op zeer jonge
leeftijd leren dat hij niet aan de lijn mag trekken. Voed
hem met veel begrip en in een harmonieuze omgeving consequent
op. Duitse Doggen zijn gevoelig voor de intonatie van hun
stem en vaak is een vriendelijk verzoek dan ook om de hond
te laten doen wat u wilt.
Sociale aanleg:
In de regel kunnen deze
Doggen goed opschieten met soortgenoten, andere huisdieren
en kinderen. De meeste zijn wat terughoudend ten opzichte
van vreemden, maar de bekende van de familie krijgen een uitbundige
begroeting.
|
.jpg) |
.jpg) |
Beweging:
Deze sterke en elegante honden hebben tamelijk veel beweging
nodig.Ze zijn zeker te porren voor onaangelijnd rennen en ravotten
in de vrij natuur. Wanneer de hond voldoende is uitgegroeid,
kunt u overwegen de hond naast de fiets laten lopen,maar alleen
als de hond goed onder appel staat. Doggen die buitenhuis voldoende
beweging krijgen, zijn in huis erg rustig. |
|
|